Hoogtepunten Duitse Romantiek

Felix Mendelssohn Bartholdy (1809-1847)
Fanny Hensel-Mendelssohn (1805-1847)
Johannes Brahms (1833-1897)
 

 

 

 

 

 

Joseph Rheinberger (1839-1901)

In ons concert op 13 januari 2019 presenteerden we een staalkaart van de Duitse liedkunst uit de Romantiek. In deze lange stijlperiode (eind 18e eeuw tot ca. 1900) kwam de liedkunst tot grote bloei, waarbij met name het echtpaar Robert en Clara Schumann-Wieck veel invloed had op de verbreiding en uitvoeringspraktijk.
In het romantische lied spelen de individuele zielenroerselen van de kunstenaar de hoofdrol. Die worden vaak uitgedrukt door de natuur: als overweldigende duistere kracht of juist als lieflijke en troostende omgeving. Vooral de jaargetijden brengen de gemoedstoestand van de kunstenaar tot uitdrukking. Dat leidt tot veel herfst- en voorjaarsliederen, waarbinnen ook juist verwezen wordt naar het andere seizoen (Herbstlied, Frühlingsfeier). Melancholie vraagt al gauw om een herfstlied (O Herbst, Im Herbst), en eindigt geregeld in een dieptreurig doodsverlangen (O süßer Mai, Schilflied). Ook de individuele religieuze ervaring van de kunstenaar wordt gethematiseerd (Abendlied in Venedig, Frühlingsfeier).

Clara Schumann (1819-1896)

We horen personificaties waarbij een natuurverschijnsel symbool staat voor de levensloop van een man (Der Strom). We mogen mee griezelen over mythische krachten in een duister bos (Es geht ein Wehen). Maar ook beluisteren we alledaags liefdesverlangen en erotiek met een ironische knipoog zoals in Gondoliera en Dein Herzlein mild, want die 19e eeuw was in het echt zo preuts nog niet.

We hebben dit uitgevoerd op zondag 13 januari om 15:00 in de Willem Twee concertzaal (voorheen Toonzaal) in Den Bosch. 

Na de pauze speelde onze dirigent Marc Buijs twee stukken van Robert Schuman op de piano.

Het programmaboekje vind je hier.Hieronder vind je een paar foto’s.